De omslag is gemaakt door Toni Mulder. En Merel van Meurs. De rode jas is van haar. Net als de lippenstift. Die kleurde er precies bij.
Toni en Merel zijn getrouwd en bestieren samen Studio Mulder van Meurs in Amsterdam. Grafische ontwerpers. Waanzinnig creatief. En sympathiek. Dat is ook belangrijk.

Uitgever Maarten kent Toni langer dan vandaag. Ik kende hem alleen van naam. Hij staat in veel boeken die ik heb. Op google vond ik de omslag die hij maakte voor Louis. Het leven van een bedelaar.  Ik was om toen ik die zag. Hij won er de Plantin-Moretus Publieksprijs mee. Terecht. Alles wat hij maakt, is trouwens goed. Doordacht. Oog voor detail. Associatief. Foto is gefotoshopt. Als je ‘m in ‘t groter bekijkt, zie je dat Toni diabolische sterretjes in mijn ogen heeft geplakt en mijn parelwitte tanden heeft gepimpt met een Hollywoodplinkje. Misschien worden de Uggs nog vervangen door een Manolopump. Tegen de tijd dat het boek uitkomt, is het zomer. Vandaar.  
   
Op het uitgeverijfeest van Paradigma waren ze allebei, Toni en Merel. Daar stelde Maarten me aan ze voor. Ik heb hem gevraagd of hij een omslag voor Domweg wilde maken. Zo is het gekomen.

Eigenlijk is het een familieproject. De foto die Toni  de collage heeft gemonteerd, is gemaakt door Wolf, hun zoon. Die heeft trouwens nog een broer en die maakt films/documentaires.

Ik had verwacht dat ze er iets goeds van zouden maken. Maar dat ik zo trots zou zijn op het eindresultaat, kon ik niet bedenken.  

Omslag: Toni van Meurs

Ik heb een tv-uitstapje gemaakt. Kassa, de Verlenging. Vier maanden achterlijk druk. Vooral in het hoofd. Als beginneling ben ik niet op mijn best. Iets met controledwang, erkenningsdrang, onzekerheid. Bijkomen en opladen door te putten uit vertrouwde zekerheden buiten werktijd zat er deze keer niet in. Sinds de ondertekening van het boekcontract staat alles wat ik ken en ben een beetje op losse schroeven. De schrik, denk ik, dat na zoveel pogingen en mislukkingen ineens gebeurde wat ik altijd heb gewild. 

Ik kan schrijven. Ik ben op mijn best als ik denk dat niemand kijkt. Of meeleest. Bij tv is dat lastig. Tv legt alles onder een vergrootglas. En daar kwam dat boek nog eens overheen. De gedachte, het schrijven, de aanloop, de opzet, de druk – de gedachte aan schrijven was een kwelling op zich. Geen tijdschrifttitel waarachter je je kunt verschuilen. Geen wanpresterende collega’s of omstandigheden om een falen op af te schuiven. Als ik dit verknal, heb ik dat helemaal zelf gedaan. Verschrikkelijk. Niet omdat mislukken erg is. Vervelend en pijnlijk, dat wel. Maar nooit een einde. Mijn grote angst is de zekerheid van het besef dat als dit mislukt, ik geen droom meer overheb. 

Gaat het wel goed met {Ik, Ali? Natuurlijk! Het gaat fantastisch! Echt! De knop is om. Alles doet het weer. Calimero-complexen zijn overboord gegooid. Qua boek dan. Geen gezeur meer.  Geen ‘ik-kan-het-niet’-gejank op de schouder van Huisgenoot. Ik moet nog drie hele hoofdstukken. De overige 9 zijn voor 80% af. Vanaf woensdag zit ik een dikke week lang helemaal alleen in een stil, idyllisch huis om De Klus te klaren. Alles komt goed.

Gisteravond nam ik afscheid van de Verlenging-collega’s.  Ik ben opnieuw begonnen. Blablabla. Voor de zoveelste keer. Ik weet wel dat een nieuw begin behalve in mijn hoofd niet echt bestaat. Laat me even in die waan. Gaat wel over. Schone lei. Nieuw schriftje.  Ga d’r heel netjes in schrijven.   

PS Het archief staat op   www.nederlands.nl , www.precies160.nl en www.puur.st. Vanaf nu geen woordcollages, magnetic poetry, columns en 160’s meer. Wel: aftellen tot de laatste letter van Domweg Gelukkig in de Kalverstraat.

 

I’ll be back

april 05 2009

{Ik, Ali archiveert. Geef me een week.

De schepping van…

februari 11 2009

Ik laat me graag belazeren. De reclamewereld bestaat bij de gratie van mensen zoals ik, softies die zich laven aan de prachtige illusies die door creatieve breinen in de markt worden gezet. Niet omdat we te dom zijn om fabels van feiten te onderscheiden, maar omdat de realiteit ons te rauw, te grauw en te complex is.

‘Ooit koos ik voor een studie journalistiek omdat ik de wereld wilde verbeteren. Mijn onthullende reportages zouden inslaan als bommen, onderste stenen boven halen, lezers het licht laten zien. Maar voor de serieuzere media was mijn popelende pen niet genoeg en daar geef ik ze met terugwerkende kracht gelijk in. Ik was een flutjournalist: argeloos, onzeker en behept met ongezond vertrouwen in alles wat zich presenteerde als autoriteit of deskundig.

Mijn schrijfdiploma bracht me bij de vrouwenbladen. Daar draaide het om minder gewichtige zaken. Sapkuren, cellulitisdijen, relatieproblemen – een overzichtelijke wereld waar feelgood belangrijker was dan feitenkennis. Nadat mijn redactie voor de zoveelste keer massaal op dieet ging, vond ik het ineens welletjes. Ik stapte over naar de Consumentengids waar ontnuchterende tegenargumenten en wetenschappelijke bewijzen mijn in jaren bijeen vergaarde kruidenkennis en op 100 procent natuurlijk gestoelde levensvisie met rake klappen aan barrels sloegen.

Over die transformatie, van redact¬reutel tot journalist en van kooplustige zweefteef tot bewuste consument, gaat ‘Domweg gelukkig in de Kalverstraat / Verleiding en verlossing in het consumentenparadijs’.

Ironisch genoeg was de aanleiding voor dit boek een artikel over diëten dat in de serieuze Volkskrant verscheen, maar naar mijn mening niet had misstaan in een vrouwenblad. Mijn geïrriteerde reactie haalde niet de Hart en Zielkolommen, maar werd uiteindelijk geplaatst in nrc.next, waar uitgever Maarten Carbo er een boek in zag. En zo is het gekomen.

Domweg gelukkig in de Kalverstraat gaat over de invloed van media op ons consumentengedrag, over ontwaken uit de reclameroes en over hoe ik verder moet nu mijn geloof in de buitenwereld is verdwenen. Ik ben (grotendeels) verlost van mijn koop-, slik- en smeermanies, maar daarmee ben ik ook mijn illusies kwijtgeraakt. En om eerlijk te zijn, is mijn leven daar een stuk saaier van geworden.’

De Journalist, 11 feb 2009